dinsdag 21 september 2010

Energieprestatie op locatie

Gaat u er even voor zitten, want dit is geen gemakkelijke koek, maar wel van uiterst belang voor mensen die binnen enkele jaren een huis kopen dat gekoppeld is aan een windmolenproject, zonnepanelen op kassen, of een andere externe energiebron. Dit soort projecten zullen we steeds meer tegenkomen.

Als voor een nieuwbouwwoning een vergunning wordt aangevraagd, dan moet deze voldoen aan een bepaalde energieprestatie. Deze energieprestatie wordt steeds verder aangescherpt, zodat er zuinigere woningen ontstaan. Om ook energiemaatregelen op locatie te stimuleren, werkt de overheid aan een 'energieprestatie op locatie'. Binnen 1 à 2 jaar krijgen we hier mee te maken. Naast gebouwgebonden energiemaatregelen, zoals isolatie, dubbel glas en een HR-ketel, kunnen dan ook externe energiemaatregelen aan de energieprestatie van woningen bijdragen. Denk bijvoorbeeld aan een windmolenpark of zonnepanelen op kassen ten behoeve van een nieuwbouwwijk.

Het is helemaal niet verkeerd dat de overheid streeft naar een duurzame samenleving en daarvoor strengere eisen stelt aan de energieprestatie van nieuwbouwwoningen. Ook goed dat de energieprestatie breder wordt aangepakt dan op gebouwgebonden niveau. Initiatieven op locatie zoals bijvoorbeeld collectieve warmte-installaties en windmolenparken worden daarmee gestimuleerd. Dit draagt bij aan verdere verduurzaming van onze samenleving. Het is wel van belang dat dit niet ten koste gaat van eigenwoningbezitters. En daar zit ‘m de kneep.

Het brengt voor eigenwoningbezitters namelijk risico’s met zich mee om gebiedsmaatregelen oftewel ‘energieprestatie op locatie’ mee te laten wegen in de energieprestatie van woningen. Woningen die straks gekoppeld zijn aan externe energiemaatregelen, zoals een windmolenpark, hoeven een mindere gebouwgebonden energieprestatie te hebben. Deze woningen hoeven dus qua isolatie en installaties niet aan de uiterste energieprestatie-eis te voldoen. De huizen mogen dus minder energiezuinig zijn. Eigenaren van zo’n woning hebben daardoor minder energiebesparing en een gemiddeld hoger verbruik dan woningen die niet aan een externe energiemaatregel gekoppeld zijn. De eigenaar van een woning waarbij dus ‘energieprestatie op locatie' is toegepast, verbruikt en betaalt dus onnodig veel energie.

Daarbij komt nog het risico dat toepassing van 'energieprestatie op locatie' kan leiden tot een woning die niet aan de eisen voldoet als de externe energiemaatregel op de een of andere manier komt te vervallen. Bijvoorbeeld de woningen worden wel gerealiseerd, maar het windmolenpark komt er uiteindelijk toch niet. Of na zoveel jaren wordt het windmolenpark aangesloten op een ander net. De eigenaar van zo'n woning heeft dan dus geen enkel voordeel meer van de externe maatregel die hem juist moest compenseren op het tekort aan energieprestatie aan het gebouw zelf.

Ten derde is er een risico dat de bewoners waar de externe energiebron aan gekoppeld is hier niet het volledige profijt van hebben. Doordat zij bijvoorbeeld niet de energie van de externe bron krijgen teruggeleverd naar hun woning of doordat zij hiervoor niet worden gecompenseerd in de energietarieven.

Voor Vereniging Eigen Huis zijn de genoemde risico's in ieder geval dusdanig van belang dat we een vinger aan de pols houden en zonodig in actie komen bij de uitwerking en invoering van de regelgeving voor ‘energieprestatie op locatie’. Eigenwoningbezitters hebben recht op energetisch goede woningen en recht op de voordelen van ‘energieprestatie op locatie’, omdat ze hier zelf bij aankoop van de woning aan meebetalen.

1 opmerking:

  1. Trias Energetica moet uitgangspunt zijn. Labeling kan hierin stimulerend werken en wat mij betreft wordt de labeling gekoppeld aan puntprijs voor bepalen van de koopprijs

    De drie stappen, de Trias Energetica.

    Stap 1 Gebruik zo min mogelijk energie.
    Stap 2 Gebruik duurzame energie, zoals zonne-energie of windenergie.
    Stap 3 Gebruik energie van bronnen die op kunnen raken (aardgas, kolen) zo slim mogelijk.
    Voor duurzaam bouwen: neem zoveel mogelijk maatregelen in stap 1, kan dat niet meer, neem dan maatregelen uit stap 2 en als het echt niet anders kan maatregelen uit stap 3.

    BeantwoordenVerwijderen